Mijn zoon heeft een vriendje op bezoek. Ze spelen Star Wars Stratego. Mijn dochter staat mee te kijken en geeft speltips aan beide partijen, wel zo eerlijk. Vanuit de keuken hoor ik ze spelen. Het vriendje van mijn zoon staat hopeloos achter. Ik roep een bemoedigende kreet uit de keuken. “Geef niet op,” of zoiets banaals.

Vals?
“Hee,” hoor ik mijn dochter opeens tegen mijn zoon zeggen. “Volgens mij mag je die niet zoveel plekken vooruit zetten. Dat is toch geen verkenner?” Ik wil mijn mond opentrekken om nóg iets banaals te roepen. “Niet vals spelen!” bijvoorbeeld. Mijn zoon is niet de beste verliezer, maar hij staat al voor. Valsspelen is niet nodig en spelregels zijn er niet voor niets.

Maar om onduidelijke redenen aarzel ik. En wat er volgt is geen gesputter en ruzie. Nee, het blijft even stil. Ik hoor wat stukken over het bord schuiven. Dan klinkt gelach van iedereen.

Mijn dochter oppert: “Zou het niet leuk zijn als jullie allebei je 10 weer terug krijgen? Jullie hoogste is nu zo laag.” De jongens roepen enthousiast dat ze dat wel willen. Ook wordt er met bommen gelopen en bommenopruimers uitgewisseld. Nog meer ‘vals gespeel’.

Winnaar
Uiteindelijk wint het vriendje van mijn zoon. Hij loopt met een bommenopruimer die hij van mijn zoon gekregen heeft dwars door alles heen naar de vijandige vlag. Luid gejuich. “Mam, hij heeft gewonnen hoor! Terwijl hij zo ver achter stond, knap hè.”

Ik durf mijzelf een redelijke expert te noemen op het gebied van games. Een game is een systeem met een doel, spelers, regels en obstakels en uiteindelijk een uitkomst. Competitieve games, zoals Stratego, hebben een winnaar, of meerdere winnaars.

Spelregels zorgen ervoor dat het spel uitdaging biedt: als je bijvoorbeeld mag kijken waar de vlag van de tegenstander staat, zou Stratego een stuk minder spannend zijn. Regels zijn er om het spel in goede banen te leiden. Dat dat dat spel moeilijk maakt, is leuk.

Game vs. Play

Maar wat ik net heb meegemaakt is iets anders. Ja, ze speelden een spel – game in het Engels- maar bovenal waren ze aan het spelen. Play in het Engels. Een game heeft inderdaad regels. Echter play is voor de fun.

Misschien wat mij deed aarzelen om in te grijpen was een passage uit een boek dat ik las van iemand die een absolute expert is op het gebied van ‘fun’: Bernie De Koven. Wat mijn kinderen deden, realiseerde ik mij daar opeens in de keuken, is een schoolvoorbeeld van wat hij een ‘Well-played game’ zou noemen.

“The Well-Played game is a game that becomes excellent because of the way it’s being played.”.

Veranderend spel
In de passage waar ik aan moet denken omschrijft hij een stoelendans, waarin een kind halverwege besluit de stoel op te pakken en mee te nemen. Ook De Koven staat klaar om daar iets van te zeggen, maar ziet tot zijn verbazing dat alle andere kinderen erom moeten lachen. In de volgende ronde pakken alle kinderen de stoelen op, zetten ze neer, ruilen ze uit, enzovoorts. De kinderen veranderen het spel ter plekke. Maar de pret blijft. En was het daar tenslotte niet allemaal om begonnen?

Play mindset vs game mindset
Met andere woorden, betuigt De Koven: het spel wordt niet zozeer bepaald door de vooraf vastgestelde regels, maar door de spelers, de ‘play community’.

“The function of our play community is to maintain that balance, to negotiate between the game-as-it-is-being-played and the game-as-we-intend-it-to-be. It is for that reason that we maintain the community. On the one hand we have the playing mind – innovative, magical, boundless. On the other hand is the gaming mind – concentrated, determined, intelligent. And in the one hand that holds them both together we have the notion of playing well.”

De regels van het spel zijn meer een uitgangspunt om met elkaar het spel aan te gaan voor de fun, dan in beton gegoten waarheden waar we ons ten alle tijden aan dienen te houden. Wanneer we de regels volgen en wanneer niet, stemmen we af in onze eigen gedachten én met de anderen die meespelen.

Samen leven, samen spelen
Deze balans en het overleg tussen deze beide mindsets lijkt mij niet alleen in Stratego van belang. Misschien ga ik een beetje te ver, maar stel dat we de regels van onze samenleving in dit licht konden zien? Stel dat je een rekening niet betaalt, maar de ander dat niet zo erg vindt en je samen een nieuwe regel daarvoor kunt bedenken die voor beiden okee is? “Allemaal haken en ogen en kans op misbruik,” roept mijn gaming mindset meteen.

Maar mijn play mindset ziet er wel een uitdaging in. Waar is het ons met die rekening eigenlijk om te doen? Waarom stuurde je mij die rekening in eerste instantie? Misschien is er in afstemming wel een andere oplossing te bedenken?

Bernard De Koven

Lastig is natuurlijk dat onze samenleving uit zo’n grote ‘play community’ bestaat dat deze denkwijze misschien daarom meer haalbaar is. We kunnen de mensen bij de belastingdienst niet even aankijken en zo aftasten wat we er samen van vinden. De playing-mindset vraagt om een bepaalde vorm van bekendheid met elkaar en om vertrouwen (p. 12, 13). Maar toch.

Mindset overleg
Wat ik in ieder geval zélf kan doen is beide mindsets wat vaker met elkaar te laten overleggen. In ieder geval thuis, als mijn zoon en zijn vriendje besluiten om nogmaals Star Wars Stratego te spelen op hún manier. Maar wellicht ook daarbuiten, op straat, op school, op mijn werk. Dat kan ik leren van games en play.

En wie weet win ik dan ook wel een keer terwijl ik hopeloos achter sta. Het is het proberen waard. Doen jullie mee? Want ja, zonder een ‘willing play community’ wordt natuurlijk sowieso niets.

Please follow and like us: